Kokerrokje – Voor mezelf

Ik naaide nog eens iets voor mezelf. Een kokerrokje. En dan nog eentje met een beetje geschiedenis. Zoals jullie misschien nog wel weten, heb ik avondles patroontekenen gevolgd. In het eerste jaar, leerden we daar een rok op maat tekenen. En zodra mijn basispatroon klaar was, begon ik aan dit rokje. Een snel projectje: vertrekken van een basismodel, beetje versmallen onderaan, en er een plat stuk insteken waarin ik mijn nepen kon verstoppen. Piece of cake.

Kokerrokje

Net geen 3 jaar ben ik eraan bezig geweest. 3 jaar! En dat voor een simpele rok zonder al te veel tierlantijntjes. Alleen een paspelbandje ertussen.

Kokerrokje

En een voering erin.

BIMG_5088

De eerste reden om dit rokje “eventjes” opzij te leggen, was  een zwangere buik die de kop  kwam opsteken. En met zo’n buik kan je veel, maar hem in een kokerrokje steken, dat lukte net niet. Dus werd dit rokje op de UFO stapel gegooid, tot ’t lijf er weer klaar voor was.

Ondertussen werd die UFO stapel een paar keer verplaatst. Verbouwingen, en verhuizen in je eigen huis (vandaar ook de gaten in de muur en de elektriciteitskabels uit het plafond. We werken eraan). Na verloop van tijd was ik niet altijd zeker meer dat ik die UFO doos ooit echt gezien had. Had ik ze mij maar ingebeeld? Had ik er ergens misschien een vage foto van? Maar uiteindelijk, ergens vorige zomer, zag ik het ding toch weer verschijnen. En ging ik toch eerst en vooral dat rokje afwerken.

Helaas, het rokje bleek te groot. Het patroon moest worden aangepast. En de stof bijgeknipt. En de voering ook. En waar lag die paspel ook al weer? En die blinderitsvoet?  En die blinde rits?

Om een lang verhaal kort te maken, het ding heeft nog ’s een half jaar op mijn naaitafel gelegen. Tot ik met kerst plots tijd cadeau kreeg. Een slapend huis, nergens een bezoekje gepland, en wie doet er nu z’n huishouden op kerstdag? Tijd! Om te naaien! Uren aan een stuk!

En kijk, ’t past.

Kokerrokje

Meer zelfs, door het maatwerk sluit het ding mooi aan tegen mijn holle rug. En dat wil zeggen dat ik nu kan hurken zonder direct met een hele stratenmakersspaarpot bloot te zitten. Eureka!

BIMG_5105

De paspel valt dan weer niet zo goed op, ik denk dat de kleur niet fel genoeg is.

BIMG_5107

En misschien had ik nog iets moeten borduren op het voorpaneel, zodat dat grote donkere vlak een beetje gebroken werd.

De split, die heb ik afgewerkt met een vliegje, tegen het inscheuren. ’t Was de eerste keer dat ik die techniek toepaste, ik ga me toch nog wat moeten oefenen.

Kokerrokje

Geen overbodige luxe alleszins om die split te versterken, want zo’n kokerrokje beperkt de beweging toch wel wat. En dat kan al ’s moeilijk worden op de fiets of op de trap.

Kokerrokje

En over vliegjes gesproken, nog een tip: stel dat je in de zomer net iets te veel vliegen in huis hebt naar je goesting. En stel dat je als oplossing daarvoor zo’n goeie ouwe vliegenvanger ophangt, zo eentje zoals bij je grootouders aan de luchter hing (bij de mijne toch). Zorg er dan voor dat je die vliegenvanger niet in de zon hangt. En zorg er ook voor dat je je naaiwerkjes niet onder die stapel legt. Want zo’n vliegenvanger, dat smelt gelijk toch een beetje van de warmte. En dan loopt dat plakspul daar zo’n beetje af. En drupt dat op wat er onder die vliegenvanger ligt. En maakt dat lelijke vlekken. En die vlekken van dat plakspul, die krijg je precies toch niet al te goed uit voeringstof…

Kokerrokje

Toevallig niemand die de ultieme tante-Kaattip weet? Of maak ik er beter een modetrend van, van gevlekte voering?

Rokmaatwerk

Ik hou echt van de patroontekenlessen die ik volg. Al moet ik toegeven dat het in ’t begin allemaal nogal confronterend was. Dat we elkaars maten moesten nemen, daar was ik op voorbereid. Dat we vooraan moesten gaan staan zodat we elkaars uitstekende delen konden benoemen om te beslissen waar de coupenaden moeten komen, tot daar aan toe. Ook al werd ik gecatalogiseerd als holle rug.

Op dat moment dacht ik dat het moeilijkste moment al voorbij was. Ik was onder de loep genomen, en ik wist waar mijn coupenaden moesten komen, punt. Niet dus. Want alles moest gepast worden.

We maakten onze eerste rok in baalkatoen. Dan konden we er nog in knippen en aanpassen waar nodig. En dus moesten we weer vooraan gaan staan. Ik was er klaar voor.

Pasfouten, brr. Je patroon is in theorie dan wel al juist, je moet het toch nog ’s passen om te zien of alles wel op de juiste plaats zit. En of je houding er niet voor zorgt dat je kledingstuk raar gaat zitten. En of je eigenlijk niet gewoon scheef in elkaar zit.

In de tekening hieronder van Posture for a Healthy Back: What is Good Posture kan je zien wat voor houdingen er zijn. En afhankelijk van hoe je zelf staat, heeft dat effect op de manier waarop je kleren passen.

Dus werden we weer van alle kanten bekeken. ’t Doet wel wat raar, als iedereen je zo bekijkt, en aan je rok komt trekken. En die klasgenoten van mij, die zien echt wel alles hoor…

Conclusie? Mijn heup zit aan de ene kant wat hoger dan aan de andere kant, dus hangt mijn rok aan de ene kant wat hoger. Ik hang ook nogal naar achter, waardoor mijn rok er achteraan langer uitziet dan vooraan. En dat moest verwerkt worden in mijn patroon.

Ik kwam er al bij al nog licht vanaf. Anderen hadden meer geluk, die moesten zo goed als niets veranderen. Bij nog anderen werd er dan weer geknipt dat het een lieve lust was.

Dus ja, ik heb een holle rug met een hoge heup en hel naar achteren. Maar niemand gaat dat nog zien, want mijn rok zal helemaal aangepast zijn.

Hoe is jullie houding? Mooi recht?

What’s next?

Ik zit altijd vol plannen, en ik ben niet altijd een heel geduldig persoon. Op zich lijken dat misschien wel apart staande feiten over mij, die totaal niet aan elkaar gelinkt zijn. Maar jammer genoeg hebben ze nogal vaak invloed op elkaar. Ik ben altijd wel ergens bezig met een cursus, met bij te lezen over dingen, met to-do-lijstjes maken die alleen maar langer worden.

Projectjesgewijs, wil dat zeggen dat ik met veel meer ideeën in mijn hoofd zit dan ik kan uitvoeren. Het betekent ook dat ik sjaals zit te breien in de zomer, of dat ik mutsen zit te haken als de lente al in de lucht hangt. Het betekent ook dat er heel wat UFOs (Unfinished Objects) in huis heb liggen. ’t Is maar dat je ’t weet.

Om maar even mijn punt te maken, vind je hieronder een lijstje van projecten waar ik mee bezig ben.

  • Breien: Give a hoot wanten. Ik begon er vroeger al eens aan, maar ik gebruikte de verkeerde naalden en ’t liep verkeerd af. Maar de juiste naalden zijn vandaag in mijn bus beland. Lang leve internetshoppen.
  • Haken:
    • Slak. Moet ik dringend afwerken. Ik moet alleen nog het radioactief symbool even blokken, zodat ik het kan bevestigen.
    • Rups. Eigenlijk een babyknuffel die ik wat langer wil maken om het als tochthond te gebruiken.
  • Naaien: Een rok. Ik weet wat ik wil, ik heb de stof al, en ik heb het ontwerp al op schaal uitgetekend. Nu nog op ware grootte.

Ik moet deze echt ’s af krijgen, zodat ik door kan gaan naar de volgende items op de lijst. Ik hoop eigenlijk stiekem dat een lijstje zoals het deze publiceren me de schop onder mijn kont geeft die ik nodig heb.