Tutorial – Hoe maak je een houten kerstboom ?

Vijf jaar geleden alweer nam ik 2 grote stukken karton, knipte er een kerstboom uit, en schreef er een tutorial over. Die kartonnen kerstboom heeft het een paar jaar vol gehouden, maar is uiteindelijk toch samen met de krant van gisteren bij het oude papier geraakt. Het jaar nadien besloten we om voor hetzelfde thema te gaan, maar  dan groter, en met een langere houdbaarheidsdatum. Een houten kerstboom. Eentje uit groene MDF. Lichtjes erin, en Hallo kerstsfeer!

Kerstboom uit MDF

Enig minpuntje: de versiermogelijkheden voor zo’n houten kerstboom bleken nogal beperkt. Dus gingen we dit jaar voor een upgrade.  Want wat als je de boom nu eens verft met bordverf, zodat zoonlief zich kan uitleven met krijt? En wat als je er ook nog eens magneetverf op zet, zodat je ein-de-lijk de ideale plek gevonden hebt voor die kerstkaarten? Zou dat niet fantastisch zijn?

Houten kerstboom

Ja, ik wil ook een houten kerstboom!

Geen probleem! Want als je een beetje handig bent, maak je dat gemakkelijk zelf. Of, als je net als ik eerder een gevaar vormt met een figuurzaag, laat je manlief het doen, dat kan ook 😉

Wat heb je nodig?
  • 2 MDF platen. De afmetingen bepaal je zelf, afhankelijk van hoe groot je je boom graag wilt. Die van ons is 110 cm breed, en 180 cm hoog, om je een idee te geven.
  • Een meetlat
  • Een geodriehoek
  • Een potlood
  • Een schroefboormachine
  • Enkele vijzen
  • Een decoupeerzaag
  • Schuurpapier
  • Magneetverf (wij gingen voor de variant van Levis)
  • Groene bordverf. Die we moesten laten mengen in de Brico Planit. Want blijkbaar komt bordverf in een heel gamma aan kleuren, tot roze toe, maar groen, nee, dat niet.
  • Stevige tape
De voorbereiding – Hoe teken je de kerstboom?
  1. Bepaal op de MDF-plaat waar het midden van de kerstboom is, en teken vervolgens een dwarse lijn over de hele lengte.
  2. Verdeel de lengte in partjes. Voor onze 180 cm werden dat – van boven naar beneden – 3 delen van 50 cm hoog, en 1 deel van 30 cm hoog. Markeer deze delen op de middenlijn die je in de vorige stap tekende, en teken voor elk deel een dwarse lijn over de volledige breedte.
    Tip: Als je voor andere afmetingen gaat, zorg er dan gewoon voor dat de top ongeveer 1/3 korter is dan de rest van de delen.
  3. Markeer op elke horizontale lijn de uiteindelijke breedte van elk stuk. Hier was dat 110 cm aan de basis, en dan versmallen naar 84 cm, 60 cm en 34 cm. Dit is de totale breedte van elk stuk. Let erop dat dit gelijk verdeeld is aan beide kanten van de verticale lijn.
    Tip: Als je voor andere afmetingen gaat, vertrek dan van de redenering (Basisbreedte boom minus aantal verticale delen) gedeeld door aantal verticale delen. In ons geval was dat dus (110 cm – 4 cm) gedeeld door 4 =  26,5. In de uiteindelijke uitvoering verminderden we de breedte met respectievelijk 26 cm, 24 cm en 26 cm.
    Houten kerstboom
  4. Meet op elke horizontale lijn langs beide zijden van buiten naar binnen 5 cm op, om de hoekjes van je kerstboom te bepalen.
  5. Verbind de verschillende punten met elkaar tot een echte kerstboom.
    Kerstboom uit MDF
Het uitzagen – Hoe krijg je 2 gelijke delen?
  1. Leg de MDF-plaat mét tekening bovenop de MDF-plaat zonder tekening.
  2. Neem je schroefboormachine erbij, en draai een paar vijzen in beide platen, om ze aan elkaar vast te maken. Let erop dat je dit buiten je kerstboom tekening doet.
  3. Neem je figuurzaag en zaag de kerstboom uit. Spendeer hierbij nog niet te veel tijd aan de inkepingen, die werken we af in de volgende stap.
    Tip: Zaag eerst grofweg rond de tekening, dat zal het gemakkelijker maken om daarna goed op de randjes te zagen.
    Kerstboom uit MDF
  4. Nu je de kerstboom uitgezaagd hebt, hangen beide platen niet meer aan elkaar. Leg ze weer op elkaar, en maak ze aan elkaar vast met dikke tape. Doe dit heel zorgvuldig, zodat de hoeken perfect op elkaar liggen.
    Kerstboom uit MDF
  5. Neem je figuurzaag er weer bij, en zaag voorzichtig de inkepingen uit.
    Tip: Rond de hoeken mooi af, dat is gemakkelijker, en zorgt ook voor een mooiere afwerken dan scherpe hoeken.
  6. Meet hoe dik de platen zijn, en maak in elk deel in het midden een inkeping van deze breedte plus 2 mm om de boom in elkaar te kunnen schuiven. Bij onze boom is de bovenste inkeping 76 cm hoog en de onderste 104 cm.
    Kerstboom uit MDF
  7. Wrijf met het stukje schuurpapier langs alle kantjes waarlangs je gezaagd hebt. Zo voorkom je ruwe kantjes en haperingen.

Zo, je kerstboom uit MDF is klaar!

Kerstboom uit MDF

Hoe werk je de kerstboom nu verder af?
  1. Verf de boom met een paar lagen magneetverf, minstens 3.
    Tip: Neem een magneet bij de hand en test hoe sterk de boom al is. Op basis daarvan kan je dan beslissen of er nog extra lagen nodig zijn.
  2. Verf de boom met een laag bordverf. 1 laag is genoeg, anders verliest de magneetverf haar werking.
    Houten kerstboom
  3. En nu: tekenen en magneten maar!
    Houten kerstboom
    Houten kerstboom

Tip: Gebruik GEEN krijtstift om op je kerstboom te tekenen. Je krijgt het er heel moeilijk af, heeft de ervaring me geleerd. Al doen van die magic eraser sponsjes wel wonderen!

2016: Goede voornemens en een trui of 3

De deur van 2015 is alweer meer dan een week voorgoed achter ons dicht, en om eerlijk te zijn, ben ik er niet rouwig om. Niet dat 2015 geen schone momenten gebracht heeft, in tegendeel, maar toch. Net toen ik dacht hier eens volop mijn eigen – en in navolging daarvan ook die van jullie – positivity te boosten, kregen zowel manlief als ikzelf net iets meer ziekenhuis aan de binnenkant te zien dan we zouden gewild hebben. Minder posts hier op de blog dus, de goesting om te schrijven was even ver te zoeken. Breien deed ik dan weer extra veel, maar dat hadden de Instagrammers onder jullie wel al in ’t snotje.

Breien

Dus eindigde dat 2015 toch nog positief, en slaagde ik erin om nog voor het einde van 2015 niet 1, niet 2, maar 3 truien te breien!

gebreide truien

De dinotrui voor zoonlief zagen jullie al in een vorige post.

Dinotrui

Mijn eigen kerstexemplaar raakte 2 dagen voor de deadline af.

Kersttrui

En ook de trui van manlief (die enkele weken op een zijspoor gezet was zodat ik die trui voor mezelf kon afwerken, een mens moet af en toe eens aan egoïstisch breien doen) raakte nog net binnen 2015 af. Hoezee!

gebreide mannentrui

Vanaf nu kunnen we hier dus aan zelfgemaaktetruiendag doen met de hele familie. Wie doet nog mee?

zelfgebreidetruiendag

Anyway, de deur van 2015 is nu hermetisch afgesloten, en iedereen in huis blaakt weer van gezondheid. De deur van 2016 staat wagenwijd open. En liggen er daar dan goede voornemens op de mat? Wel ja, van die halve. Dingen die ik vooral graag wil doen, maar niet zozeer dingen die ik van mezelf moet gaan doen.

Wat wil ik dan doen?

  • Minder snoepen. Echt waar. En lukt het ’s een dagje niet, dan begin ik de volgende dag gewoon opnieuw.
  • Weer beginnen met lopen, en uit die infinite loop van les 21 – les 24 uit start to run raken. Da’s nu al 2 jaar gaande, dat spelletje, ik moet er echt ’s door. ’t Zal me goed doen.
  • Meer tijd voor mezelf nemen. Vanaf februari werk ik even 80%, en we gaan zien wat dat doet.
  • Nu leven. En niet in mijn hoofd bezig zijn met alles wat ik nog moet doen.

Welk effect dit op de blog zal hebben, weet ik nog niet. Vorig jaar was ik begonnen met het voornemen toch elke week iets te schrijven, maar dat bracht uiteindelijk wel wat stress met zich mee. Dus 2016 zal wat meer op den bots zijn. We zien wel. Ik hoop dat jullie me dat niet kwalijk nemen.

Hoe zit dat met jullie? Mooie lijstjes? Vage lijstjes? Niets? Veel truien?

gebreide truien

De #boostyourpositivity challenge – Mijn ochtendroutine

’t Kan niet anders of jullie hebben het al gemerkt in blogland en op Instagram: ’t is weer #Boostyourpositivity tijd. Waar ik vorige keer te laat was en vooral van op de zijlijn meekeek, heb ik me deze keer actief ingeschreven. Een van de challenges: deel je ochtendroutine. In mijn geval, zijn dat er 3:

  • Eentje voor dagen waarop ik naar kantoor trek
  • Eentje voor de thuiswerkdag
  • Eentje voor het weekend (voor zo ver er daar routine inzit)

Kantoordagen

  • 6u: Wekker loopt af. Snoozen op kantoordagen heb ik afgeleerd, dus direct uit de veren.
  • 6u01: badkamer in: douchen (niet te lang!), kleren, haren, make-up en tanden poetsen, allemaal in sneltempo.
  • 6u20: Alles bij elkaar scharrelen en de deur uit. Fiets op en peddelen maar.
  • 6u33: Aankomst station, en hopen dat de trein op tijd is. En dat ik de afstand van het achterste hoekje van de fietsenstalling (waar altijd nog net één plekje is, maar ssjt) tot het perron aan het andere uiteinde van het station nog op tijd kan afleggen.
  • 6u38: Trein op. Op dit uur is het  nog rustig, en heb ik meestal wel een plekje met 4 zeteltjes alleen voor mezelf. Dan strek ik me uit, download ik de krant, en eet ik wat.
    Zo stil mogelijk, want niets zo zalig dan zo’n wagon waar iedereen nog aan ’t soezen is.
  • 7u20: aankomst Brussel (als de NMBS meedoet), en te voet naar kantoor.
  • 7u30: aankomst kantoor. Computer aan, theetje halen, en genieten van de stilte van een leeg kantoor voor de rest aankomt.

Deze routine is de meest strakke van de 3, waarbij elke minuut telt, en waarbij elk klein detail er al snel voor  kan zorgen dat ik vertraging oploop. Dus probeer ik zo veel mogelijk alles de avond voordien voor te bereiden. Kleren, eten, tas, alles ligt op de juiste plek klaar, zodat ik maar hoef te graaien. Zelfs mijn fietslichtjes steek ik al op de fiets. De enige manier om nog efficiënter te worden, zou zijn om met mijn kleren aan te gaan slapen 😉 Ik hou mijn hart wel al vast voor de winter, waar er meer kledinglagen nodig zijn, en er dus ook een extra minuut of 2 in het aankleden kan kruipen. Stiekem heb ik al gedacht aan zo’n vouwstep, om sneller van de ene kant van ’t station naar de andere kant te raken, en daar die 2 minuten terug te winnen.

Ik speel trouwens ook vals. Op kantoordagen laat ik de ochtendroutine mét kleuter volledig aan manlief over. ’s Avonds leg ik wel samen met zoonlief de kleren voor de volgende dag klaar. Daarbij laat ik hem zelf “kiezen”: ik bied zoonlief 2 keuzes aan van elk kledingstuk, en meneer kiest uit dat aanbod. Zo zijn de klerencombinaties aanvaardbaar genoeg naar mijn goesting, en vermijden we ochtendlijke vertragingen omdat zoonlief beslist dat dat ene t-shirt echt niet kan. Win-win.

En waarom nu zo’n strakke routine? Ik hou van die vroege trein. Die zit nog niet vol, en biedt ruimte om je benen te strekken. Die is stil, en ik hou van stilte. Die brengt me vroeg op kantoor, zodat ik rustig aan mijn dag kan beginnen en al in mijn workflow zit voor de rest van mijn collega’s aankomen. Heb ik al gezegd hoe zeer ik fan ben van stilte? Bovendien kan ik door vroeg te beginnen ook vroeg weer naar huis, om nog wat tijd door te brengen met mijn 2 favoriete mannen.

Thuiswerkdagen

Ongeveer 1 keer per week, werk ik van thuis. Die thuiswerkdag heb ik echt nodig. De routine zoals hierboven beschreven, die hou ik geen 5 dagen per week vol, dus een break ergens tussenin, is meer dan welkom. De ochtendroutine op thuiswerkdagen, die gaat er dus iets relaxer aan toe:

  • 7u: wekker loopt de eerste keer af.
  • 7u09: wekker loopt de tweede keer af.
  • 7u18: wekker loopt derde keer af. Conversatie met manlief:
    • Ik: Hoe laat sta jij nu weer op?
    • Manlief: Nu ongeveer. Of later.
    • Ik: Raak jij dan op tijd op school?
    • Manlief: Ja hoor. Ongeveer.
    • Ik: Zouden we dan toch niet opstaan?
    • Manlief: Mmmmm.
  • 7u20: Toch maar opstaan en zoonlief wakker maken. Naar beneden voor het ontbijt. Hierbij doe ik gegarandeerd iets dat niet verloopt volgens het schema dat zoonlief in zijn hoofd heeft. Eerst potje en dan ontbijt, da’s blijkbaar een no-no. Geen nood, zoonlief wijst me terecht. Met commentaar.
  • 7u40: Zoonlief aanmanen misschien toch wat op te schieten. Moet er zo lang op ’t potje gezeten worden? (Ja). Kunnen we dan misschien toch al kleren aan doen? (Nee). Ondertussen steekt manlief de boekentas klaar.
  • 8u: Beide mannen zijn vertrekkensklaar en springen de fiets op. Afhankelijk van het aantal keren snooze eerder die ochtend ben ik ofwel al aangekleed en steek ik de computer aan, ofwel spring ik nog gauw de douche in, en zet ik de computer een kwartiertje later aan. Theetje drinken, en genieten van de stilte van een thuiswerkkantoor.

Het weekend

Ik ben een luie donder die graag lang in bed ligt. Zeker na een week van strakke ochtendroutines. Het begrip ‘lang’ is natuurlijk relatief. Met kind, ben ik blij als het 8u is voor de eerste ogen in huis open gaan. Al zijn dat soms ook de mijne. Meestal komt zoonlief nog even bij ons in bed gesprongen, al dan niet met een lading knuffels, en al dan niet letterlijk. Die weekendroutines kunnen soms pijnlijk zijn.

Ontbijten doen we meestal rond 8u30 – 9u.  In pyjama. En dat pyjamamoment rekken we zo lang mogelijk, afhankelijk van de verplichtingen die dag. Zoonlief heeft namelijk hetzelfde pyjamamonstersgen als ik. Wie wil er nu kleren aandoen als je in pyjama kan blijven rondlummelen?

Zo, dat zijn al mijn routines op een rijtje. Hoe zit dat met jullie? Strak of chaotisch? En doen jullie ook mee aan #boostyourpositivity?

Normandië deel 4 – Mont Saint Michel

De zomer van 2015 bracht ons naar Normandië. Het verslag daarvan krijg je in 4 delen:

Vandaag, deel 4: De Mont Saint Michel.

Dé must-see van onze hele reis was toch wel zeker de Mont Saint Michel. Wij trokken er heen net op de dag dat de Franse boeren de weg er naartoe versperd hadden. Bleek dat de boeren in Frankrijk actie voerden omdat ze onderbetaald worden voor hun producten. Zoals deze week gebeurde in Brussel. Net zoals de actie in Brussel waren de acties in Frankrijk ook aangekondigd, maar bij gebrek aan internet en beperkte tv, was dit detail ons ontgaan. ’t Was dus even schrikken, toen de weg vol tractoren bleek te staan.

Maar uiteindelijk bleek die hele actie nog in ons voordeel te spelen. Hoe dan? Wel, we konden de auto kwijt op een parkeerplaats in het nabijgelegen stadje. Gratis! Vandaar vertrekt een wandel-/fietsroute die je langs een mooi pad naast het water in 4km naar de Mont Saint Michel zelf brengt.

Mont Saint Michel

En als je dat wil, kan je halfweg toch nog afslaan naar het visitor centre, waar een gratis shuttle busje met de regelmaat van de klok vertrekt om je over de gloednieuwe passerel bij de Mont af te zetten.

Mont Saint Michel - Passerel

Wij kozen halfweg voor het busje, zodat zoonlief al niet al zijn poer en energie verschoten zou hebben tegen dat we op de Mont zelf aankwamen. Die aanpak werkte: toen we uiteindelijk bij de Mont aankwamen is hij naar binnen gestormd en heeft hij een rondedansje gedaan op het binnenplein terwijl hij gilde ‘Ik ben in het kasteel! Ik ben in het kasteel!. Never a dull moment, met dat ventje van ons.

Mont Saint Michel

Terwijl het op de Mont Saint Michel op een normale zomerdag koppen lopen is, viel dat deze keer goed mee. Je kon gewoon doorwandelen in de smalle straatjes, en zoonlief kon naar hartenlust klimmen en op onderzoek uit. We hoefden ook helemaal niet aan te schuiven om de abdij binnen te raken.

Mont Saint Michel

En als kers op de taart kon hij nog een glimps opvangen van de draak zijn staart.

Mont Saint Michel - Draak

Halfweg ons bezoek kwam de zon er ook nog door, en toen kon de dag helemaal niet meer stuk.

Mont Saint Michel

Om terug te keren, sprongen we weer het busje op, maar deze keer stapten we een halte vroeger af, bij de hotels. Daar hadden we namelijk in ’t heen gaan een bont allegaartje koeien gespot, en die wouden we toch wel eens van naderbij bekijken.

Mont Saint Michel - Normandische koe

Zoonlief nam dat zelfs letterlijk op, en is elke koe een persoonlijke aai gaan geven. Hadden die boeren dat maar gezien.

Mont Saint Michel - Koeien

En hiermee kan ik onze zomer in Normandië afsluiten. Hoe zit het met jullie? Op reis geweest? Al naar de Mont Saint Michel geweest? Of van plan te gaan?

Mont Saint Michel

Normandië deel 3 – Allemaal beestjes

De zomer van 2015 bracht ons naar Normandië. Het verslag daarvan krijg je in 4 delen:

Vandaag, deel 3: Allemaal beestjes.

Niet zo ver van ons huisje in Rouperroux, in Le Bouillon, vind je het Parc Animalier d’Ecouves. Dat park kan je nog het beste vergelijken met een uit de hand gelopen kinderboerderij. Als je aankomt, zie je vooral konijnen en cavia’s. Maar als je eenmaal binnen (allee ja, buiten, maar door het hek) bent, zijn er best wel wat exotischere dieren te vinden. Kamelen die graag op de foto gaan, lama’s die alpacas blijken te zijn, kangoeroes, wolven, noem maar op. Dit park kon me echt wel bekoren. De dieren hebben veel ruimte, en de uitbaters doen hun best die ruimte zo veel mogelijk op de natuurlijke habitat te laten lijken. Ben je hier in de buurt en heb je een of meerdere koters bij de hand, maak even een ommetje. Amusement verzekerd.

Iets verder rijden van onze uitvalsbasis, maar iets groter in dimensie, ligt de Zoo de la Flèche. Hier had ik een beetje een dubbel gevoel. Mooi, en heel knap gedaan, voor sommige dieren. De beren zitten in een bergachtig stukje bos, de maki’s hebben hun eigen eiland. Andere dieren, zoals de giraffen en de kangoeroes, die hebben dan weer alleen maar een kale vlakte. Ik hoop dat ze er nog werk van maken en ’t voor deze dieren ook een beetje opkalefateren.

Wat je daar blijkbaar wel kan doen, is slapen ‘tussen’ de dieren. Je kan er kamers huren die uitkijken op een stuk van het park, zodat je neus aan neus kan zitten met bijvoorbeeld een maki, of een wolf. Wel met een stukje glas ertussen, natuurlijk.

La maison de la Perche staat dan weer in het teken van ecologisch omgaan met de natuur. Het is een groot domein rond een kasteel, en je vindt er paarden, ezels en bijen. Het domein is nogal uitgestrekt, en je kan er vrij rondwandelen. Hier en daar krijg je uitleg over wat je zelf kan doen voor de natuur aan de hand van bordjes. Ideaal voor een rustige namiddag keuvelen.

Maar we hoefden niet per se op verplaatsing om diertjes te spotten, ook dichter bij huis was er wel ’t een en ’t ander te vinden. Zo dacht ik dat ik een stukje tuinslang zag liggen naast een bospad, maar ging dat stukje er plots vandoor. Voor een stadskind als ik toch altijd even schrikken. Al is die slang toch net iets steviger geschrokken.

Koeien waren er ook in overvloed. De eigenaar van het huisje was melkveehouder, en op een avond hebben we een rondleiding in ’t bedrijf gekregen. Nog nooit zo veel kalfjes bij elkaar gezien! En zo’n koebeest up close and personal, ’t is toch enorm. Eén boe van de koe, en zoonlief, normaal op de eerste rij als het dieren betreft, had toch besloten dat een beetje afstand geen kwaad kon. Misschien leert hij het toch nog.

Het beest waar ik uiteindelijk ’t meest van geschrokken en ’t meest van onder de indruk was, was een kolibrivlinder. Ik had er nog nooit van gehoord, en ik zat nietsvermoedend een boekje te lezen op het terras, toen ik plots een gezoem hoorde dat net iets zwaarder klonk dan de gemiddelde hommel. De zoemer was precies op zoek naar menselijk contact, want hij kwam nogal dicht voor mijn neus hangen. Ofwel moet ik gewoon ’s stoppen met shampoo met honingextract te gebruiken, dat kan ook wel. Anyway, dat beest kwam daar dus voor mij hangen, had de staart van een horzel en de vleugels van een vlinder, en zoemde er maar op los. Ik wou vooral zo ver mogelijk van dat beest verdwijnen, maar zoonlief bleef maar op onderzoek uitgaan (‘Wat is dat mama? Is dat een vlinder mama? Weet je ’t niet mama? Is het dan een bij mama? Of een hommel? Nee? ’t Is wel een raar beest hé mama? Is het dan toch geen vlinder mama?), en ik was er op dat moment nog niet uit of dat nu een steekbeest was of niet. Niet dus. Gewoon een groot doch onschadelijk insect. Dat ik ondertussen ook al ’s in eigen tuin gespot heb.

De dierenwereld, ik heb nog wel ’t een en ’t ander te leren, denk ik dan.

Hoe zat dat met jullie deze zomer? Veel nieuwe fauna leren kennen?

Volgende week deel 4: De Mont-Saint-Michel

Dit was augustus

Alweer een maand gepasseerd! Hieronder een lijstje van waar ik zoal mee bezig was deze maand:

  • Oogsttijd in de tuin: wortels, tomaten, boontjes, aardbeien.
    oogst
  • En ook oogsttijd in de geveltuin: trostomaatjes en een pompoen.
    oogst
  • Kajakpolo vanop de eerste rij.
  • Een nooit eerder gespot insect (toch niet door mij): de vuurwants. Dat masker is toch indrukwekkend, niet?
  • Een afgewerkt paar sokken, waar het toch nog net te warm voor is.
    sokken
  • Een dinotrui in de maak. De tekening overleggen met zoonlief was niet mijn beste idee, ik zit nu gigantisch achter met de bestellingen.
  • Een Disney explosie van mezelf. Ik kon er niet aan doen, mijn zestienjarige zelf nam even over.
  • Een klavertje vier. Da’s al het tweede deze zomer, in juli vond ik er ook al een. Misschien ligt geluk inderdaad gewoon voor het oprapen?
  • Een semi opgeruimde naaihoek. ’t Is een begin.
  • Cupcakes bakken en de eieren vergeten. Veganistisch noemen ze dat. En ’t was superlekker. Iemand geïnteresseerd in het recept?
    veganistische koekjes

En hoe was augustus bij jullie?

Normandië deel 2 – Kuierstadjes

De zomer van 2015 bracht ons naar Normandië. Het verslag daarvan krijg je in 4 delen:

Vandaag, deel 2: Kuierstadjes.

Om een beetje een overzicht te houden van wat er allemaal in de buurt van ons huisje was, en om de afstanden wat in te schatten, tekenden we zelf een kaart uit. Dat hielp ook om goed bij te houden waar we wel al geweest waren, en waar we nog heen moesten. Niet geheel volgens Mercatornormen, maar goed genoeg voor ons.

Kaart Normandie

Voor de dichtstbijzijnde bakker moesten we naar Carrouges, benoemd tot charmantste dorpje van Frankrijk, heb ik me laten vertellen. Groot is het niet, maar het brood was wel lekker. Bovendien hebben ze er ook een kasteel.

Carrouges

Kastelen en ruïnes die verkend en beklommen mogen worden, dat scoort altijd bij onze kleuter. Misschien moet ik voortaan eigenlijk eerder van onze klauter spreken. Als hij maar kan klimmen.

Om diezelfde reden scoorden we ook in Domfront, waar nog een stukje kasteel achtergebleven is in het park. Of waar een park is aangelegd rond de overgebleven ruïne van het kasteel. Te zien hoe je ’t bekijkt.

Domfront

Zo’n park, da’s ook altijd goed om punten te scoren. Niet van die saaie aangelegde, maar van die waar je al ’s tussen de bomen kan verdwijnen, en waar je, hoe kan het ook anders, kan klimmen en klauteren. In Bagnoles sur l’Orne vind je er zo eentje. ’t Leidt je eerst wel een beetje om de tuin – pun intended – want je denkt dat je in een aangelegde botanische tuin rondloopt waar je vooral mag kijken maar niet aankomen. Maar plots bevind je je aan de bovenkant van de stad, met een gigantisch uitzicht, en een dicht bos waar je tussen mag verdwalen.

Bagnoles sur l'Orne

Bovendien biedt Bagnoles, naast thermen die naar ’t schijnt een bezoekje waard zijn (maar die wij hebben overgeslaan) ook elke zaterdag een rommelmarkt die zeker de moeite is. Ik heb me serieus moeten inhouden om niets te kopen.

Wil je alles samen op 1 plek vinden, dan is Falaise the place to be. Een groot park, al ga je daar wel net de dieperik in, in plaats van omhoog. Op een bepaald moment moet je er ook weer uit raken, en dan maak je ’t jezelf zo moeilijk als je wilt, natuurlijk.

Falaise

Park, check. Kasteel, check. Falaise is een tijdje de uitvalsbasis van Willem de Veroveraar geweest, en je kan er zijn bescheiden optrekje nog altijd bezoeken. Een deel valt gratis te verkennen, het andere deel is betalend. In het betalende gedeelte krijg je een tablet mee, waarop je alle uitleg krijgt, en waarop je kan zien hoe alles er toen uitzag. Wij hebben het betalende deel overgeslaan omdat zoonlief daar nog net iets te jong voor is, maar voor oudere kinderen kan het wel ’s leuk zijn, denk ik dan.

Falaise - Willem de Veroveraar

Alsof een park én een kasteel nog niet genoeg waren, kan je in Falaise ook nog naar het poppenmuseum. Geautomatiseerde etalages met bewegende poppen, dat bleek in de jaren 50 nogal hot te zijn bij de grotere winkels, en blijkbaar waren vooral de Fransen een krak in het bouwen van die etalages. Ze stoefen er nu nog mee, en een paar van die vroegere etalages staan nu uitgestald in Falaise.

bDSC_1147

Wel ’s leuk om te zien, maar redelijk beperkt in grootte, toch zeker voor de prijs die je betaalt. Bovendien begint de tentoonstelling met een donker, griezelig filmpje over 2 kinderen die in het oude atelier van hun grootvader levende poppen vinden. Dat filmpje krijg je te zien in een donker zaaltje, waar je niet uit kan vooraleer het filmpje gedaan is. Zet er nog een griezelig muziekje onder, en je bezorgt elke bezoeker minstens 1 nachtmerrie, moeten de makers gedacht hebben.

Een ander stadje was Alençon. Leuk om ’s rond te slenteren, zeker op zaterdag, als er ook markt is. In het toeristisch centrum kan je een kaartje vinden, met een route die je langs de belangrijkste punten in de stad leidt. Of je zoekt gewoon zelf je weg door de talrijke steegjes.

Alençon

Om ons grote inkopen te doen, moesten we naar La Ferté-Masé. Daar heb je een groot meer waar je kan rond wandelen, en een strand met speeltuin.

La Ferté-Masé

Er zijn ook nog allerhande activiteiten te doen in en rond het water, maar die hebben we overgeslaan. Mijn asociaal/introvert kantje, dat blijft tijdens de vakantie liefst (nog meer) van zo veel mogelijk mensen vandaan.

Het laatste kuierstadje was Sées, waar ze een kathedraal hebben die deze zomer een lichtspektakel bood. Jammer genoeg moesten we dat spektakel overslaan, kleuters gaan tijdens de zomer nu eenmaal net iets vroeger slapen dan de zon. ’t Plan was om de kathedraal overdag te bezoeken, maar er was net een begrafenis bezig, en we vonden het toch net iets minder gepast om dan in short te gaan rondslenteren.

Sées

Heel wat afgekuierd dus. En zo veel kerkjes gezien, dat zoonlief nu bij elk exemplaar dat we passeren zegt ‘Kijk, een kerk! Gaan we ’s binnen?’

Tot zo ver onze stedelijke avonturen. Volgende week, deel 3 – Allemaal beestjes.

Normandië deel 1 – De bossen

De zomer van 2015 bracht ons naar de bossen van Normandië, naar het arrondissement Basse-Normandie. Onze plaatselijke uitvalsbasis was een huisje in Rouperroux, een gehuchtje tegen Alençon. Drie weken weg van alles en iedereen, op de melkveehouder naast ons na, en aan de rand van het Parc Naturel régional Normandie-Maine.

Normandië

Drie weken, dat vat je niet even samen in 1 blogpost. Geloof me, ik heb het geprobeerd, maar de post werd veel te lang. Vandaar: 4 delen:

  • De bossen van Normandië
  • Kuierstadjes
  • Allemaal beestjes
  • Mont Saint Michel

Vandaag, deel 1 – De bossen van Normandië.

Tijdens het plannen van onze vakantie, kozen we voor Rouperroux net omdat het zo afgelegen was, en omdat het bos vlakbij was. In onze hoofden trokken we dagelijks onze wandelschoenen aan en de deur achter ons dicht, en weg waren we, op verkenning langs uitgestippelde bospaden die ons elke dag naar een nieuw deel van het bos zouden brengen.

Normandië

In praktijk ging dat net iets anders. Ten eerste was het al niet mogelijk om de deur achter ons dicht te trekken en aan de wandeling te beginnen. Daarvoor is het Franse wegennet net niet wandel- en fietsvriendelijk genoeg. Ik heb het 2 keer gewaagd om mijn loopschoenen aan te trekken en langs de straat te lopen. Geen fietspad, geen troittoir, en weggetjes die maar breed genoeg zijn voor  1 auto waar de plaatselijke bevolking niet trager dan 90 km per uur wil rijden. Doodsangsten, echt waar. Wel goed voor de calorieverbranding, daar niet van.

De auto in dus, telkens als we het bos in wilden. En dat bos zelf, dat is ook weer iets speciaals. Want de Fransen, die verdelen hun bos op in loten. Dus als je een boswandeling uitstippelt, dan stippel je een weg uit langs die loten. Waardoor je niet zo zeer in het bos loopt, maar meer tussen 2 bossen in. Soms op een heel breed, heel recht, heel lang, heel saai pad.

Normandië

Maar soms ook langs een route die al maanden niet meer gebruikt was. Stond je daar plots, tussen de reuzenvarens.

Normandië

Very Jurassic Park, dat wel, maar ook met tekenbeten voor het hele gezin als resultaat. Vanaf toen werd dat bos net iets minder aanlokkelijk voor ons.

Bon, tot zo ver mijn gezaag. Ik kan er niet aan doen, de Schotse bossen van vorig jaar hebben onze verwachtingen nu eenmaal een tikkeltje hoger gelift. Idyllische bospaadjes galore daar. En ’t is nu ook niet dat alle bossen in Frankrijk tot loten herleid zijn, ze kunnen het ook anders. Dat zagen we toen we naar Roche d’Oëtre gingen. Daar kon je uit verscheidene wandelingen kiezen, en wisten we niet waar eerst naartoe. Uiteindelijk daalden we af, om zo langs ’t riviertje in de vallei te stappen, en dan weer naar boven te klimmen.

Normandië

Een afdaling, water, en klimmen. Alle ingrediënten om zoonlief enthousiast te houden. Score!

Normandië

Als je ’t liever wat avontuurlijk hebt, of als je grotere kinderen hebt, biedt Roc de l’Oëtre ook een klimparcours in de bomen. Betalend, dat wel, maar ’t zag er wel leuk uit. Je kan binnen vanaf 6 jaar. Heb je nog jongere koters, dan is er ook een gratis miniparcours voor de kleuters. Dit laatste viel alleszins in de smaak.

Normandië

Daarnaast vonden we onze laatste dag vakantie niet zo ver van het huisje (wel met de auto, natuurlijk) ook nog een parcours de la Santé. Jawel, een fitometer. Very nineties.

NormandiëMaar hij is wel het vernoemen waard. De setting is echt mooi, in een prachtig stukje bos nabij Fontenai-les-Louvets, en met een bospad dat aan mijn verwachtingen voldeed. Om de zo veel meter krijg je een oefening voorgeschoteld, en we hebben ons eens flink laten gaan.

Normandië

Conclusie: Als je graag een bosvakantie wilt, is het arrondissement Basse-Normandie toch niet de beste keuze, tenzij je het niet erg vindt om langs loten bos te lopen. Dan zoek je het beter wat verder op in Suisse-Normandie, waar Roche d’Oëtre deel van uitmaakt.

Volgende week deel 2: Kuierstadjes.

Dit was juli

Al een beetje laat, voor een maandoverzicht, maar de reden waarom, dat wordt direct duidelijk in het eerste puntje. Want dit bracht juli:

  •  3 weken Normandië. Weg van alles en iedereen, met veel bos, en rustieke stadjes. Blogpost met tips volgt een dezer.

Normandië

  • 3 weken zonder internet en zo goed als zonder tv. En dat deed zo’n deugd, dat ik bij thuiskomst het online gaan nog iets langer heb uitgesteld. Qua tv, hebben wij sowieso al geen kabel thuis, omdat we onszelf kennen en anders naar te veel brol blijven kijken. Maar we zijn wel serieverslaafd, en met dat binge watchen, blijft dat couch potato gehalte toch redelijk hoog. Niet dat ik nu elke dag uren ging sporten en fitter en lichter naar huis gekomen ben. Nee, ik ben nog altijd vaak in een of andere zetel blijven liggen, al dan niet buiten, maar dan met een boek.

Ouvrez les yeux

  • 4 boeken. Dat klinkt niet indrukwekkend, maar 3 daarvan waren kleppers van meer dan 800 pagina’s, dus ik ben er best wel trots op.
  • 3 weken zonder makeup. Na een allergische reactie op mijn ogen voor de vakantie waarvan ik nog altijd niet precies weet wat de oorzaak was, was mijn velleke mij dankbaar. Had ik nu ook nog ’s drie weken zonder koffie en koekjes gedaan, dan was mijn velleke nog contenter geweest maar helaas. Minder koffie (en dat terwijl ik eigenlijk een theedrinker ben), en minder koekjes, dat brengt me bij het volgende puntje.
  • Voornemens. Ik had de Flow vakantiebox mee, en dat lijstje lonkte nu eenmaal gewoon naar mij. Dus ja, ik ga mijn leven beteren. Nog maar eens.

voornemens

  • Een Nederlandstalige GPS die ons wegwijs probeerde te maken in Fransenland. Lachen! Allee, soms toch, soms was ’t ook wel vloeken geblazen.
  • 1 klavertje vier. Omdat geluk soms voor het oprapen ligt.

Klavertje vier

  • Zaadjes. Op ’t fanatieke af. Elk stuk fruit dat ik in handen kreeg moest eraan geloven. En tussendoor heb ik een moestuinplan voor de tuin zitten opmaken. Rekening houdend met plaatsing en rotatie en al. ’t Is half af, ik zit nog met een paar hiaten. Maar als ik te georganiseerd word, dan krijg ik gewoon schrik van mezelf. Dat, en ik heb vooral zaden van meloensoorten. Wie graag mee experimenteert om te zien of daar nu iets uitkomt of niet, laat maar weten, ik heb er genoeg om rijkelijk te delen.

Cavaillon zaadjes

  • Anderhalve sok. Ik had niets meer op de naalden staan, en ik moest iets kleins bij me hebben, dus sokken zijn daarvoor ideaal. Wat formaat betreft toch, want eigenlijk is ’t veel te warm om sokken te breien.

Sok

  • Bij thuiskomst in de tuin: 1 rode tomaat, en een pompoenplant die de geveltuin heeft overgenomen. Ook wel een paar triestig ogende paprikaplanten, maar we gaan positief blijven. Een tomaat! Al 2 pompoenen!

Tomaat

Geveltuin

Pompoen

Hoe was de maand juli voor jullie? Lekker lui, of heerlijk intensief? Thuis, of (ver) weg?

Er groeit iets in onze tuin

’t Is alweer zes weken geleden dat ik onze tuin nog ’s toonde, en sindsdien is er weer heel wat veranderd. Tijd voor een update!

Eerst het slechte nieuws: de spinazie heeft het niet overleefd. Ik kon het niet meer aanzien, en heb de hele boel dan maar geliquideerd. Moge ze in vrede rusten.

En dan het goede nieuws: met de rest van de planten gaat het wel goed. De zelfgezaaide wortels en bieten in hun bakken groeien flink door.

Rode biet

Wortel

De paprikaplanten uit de minimoestuin van Albert Heijn, die schieten ook op.

Paprika

Zelfs de bosaardbei die vorige keer nauwelijks te vinden was, begint volwassen te worden.

Bosaardbei

En de savooi? Die zoekt hogere sferen op.

Andijvie

En ik begin er sterk aan te twijfelen dat dat eigenlijk savooi is, volgens mij is het een soort andijvie. Zou Albert Heijn zich al ’s gemist hebben in het labelen van zijn minimoestuintjes? Heeft er iemand een idee wat de juiste benaming zou kunnen zijn? En of dat nu echt zo’n ramp is dat die doorgeschoten is?

Ook de tomaten beginnen te komen. In een maand tijd ben ik van tomatenleek naar tomatenexpert uitgegroeid. Woorden als dieven (snode tussentakjes snoeien), aftoppen (zorgen dat je plant geen stairway to heaven wordt) en tikken (cabardouchke spelen voor je plant) zijn me totaal niet vreemd meer, en pas ik toe alsof ik het allemaal al jaren deed. ’t Zat zo: mijn tante en oom me vertelden dat tomaten niet zo tuk zijn op regen op hun blad. Dus ze verhuisden naar binnen, achter het raam. Daar schoten ze flink op, en er groeide al 1 tomaat aan. En die groeide goed. Traag (ze ziet nog altijd groen), maar goed.

tomaat

Megatomaat in wording. Elke dag gaf ik die planten water, elke dag keek ik even naar mijn goed groeiende tomaat, en elke dag zag ik dat er wel bloemetjes bij kwamen, maar dat die telkens weer afbraken. Ik had dus twee enorme planten, met vooral veel stompjes. De oorzaak? Volgens Diana’s mooie moestuin moet je regelmatig ’s tegen je takjes tikken, om ervoor te zorgen dat die bloemetjes ook nog bevrucht raken. Sindsdien krijgen die tomatenplanten elke dag net geen knuffel. En dat helpt dus echt, er beginnen nu eindelijk extra tomaatjes te verschijnen. Hoezee!

Sedert mijn vorige post kreeg ik ook nog wat plantjes cadeau. De tante en oom brachten komkommerkruid, snijbiet, twee soorten aardbeien, pompoen en mariakruid. Van een collega kreeg ik Oost-Indische kers. En van een buurvrouw boontjes. En dat groeit allemaal maar door.

Mijn tuin

Komkommerkruid

Alsof dat allemaal nog niet genoeg was, trokken we op een zonnige zondag ook nog eens naar Eurotuin, en schaften we ons nog een olijfboom en vijgenboom aan. Miniboompjes, met hier en daar toch al een vruchtje.

boom

Zelfs ons geveltuintje verrast ons ondertussen al met groenteplantjes. Manlief had sierplanten gekocht op de bloemenmarkt. Hoogst waarschijnlijk heeft hij daar meer meegekregen dan waar hij voor betaald had, want ondertussen groeit er ook al een tomatenplant en een pompoenplant in dat geveltuintje. En die doen dat daar zelfs zeer goed. Zo doen we zonder voorbedachte rade eigenlijk ook mee aan het Onze eetbare straat initiatief. ’t Is nu alleen te hopen dat die pompoenplant letterlijk binnen de perken blijft, en niet de hele straat eetbaar maakt.

Geveltuin

Een heleboel plantjes dus, en dat allemaal in een klein tuintje. Gelukkig komt op zo’n momenten manlief zijn inventiviteit de kop op steken. Met de oude trappen, die ondertussen uitgebroken waren, ging hij aan de slag achter in de tuin, en maakte zo uit het niets nog even 5 bakken bij. 1 voor de composthoop, 2 voor plantjes, en de overige 2, daarvan moet de inhoud nog even naar het containerpark. En daarna kan ik weer verder kan planten.

tuin

Blijkt bovendien ook nog ’s dat ik niet de enige ben die graag in onze tuin werk.

Bij aan het werk

Hoe zit dat bij jullie tuintjes? Stilaan tijd om te oogsten? Of laten jullie alles nog even op zijn beloop?